Dure boeken en beschaving

Heston Blumenthal is de gelauwerde driesterrenchef van The Fat Duck. Hij is een van de groten op het gebied van de moleculaire gastronomie en heeft het begrip eetbelevenis van een nieuwe dimensie voorzien. Hij serveert bij diverse gerechten een iPod waarop bij een ingrediënt passende geluiden staan. Denk aan zee geluiden bij coquilles. Maar hij heeft weer iets nieuws bedacht. Hij is van plan een boek uit te geven dat £ 1000,- moet gaan kosten. En waarom? Omdat er twee zilveren objecten van een beroemd juweliershuis bij ‘geserveerd’ worden. Heeft niets met koken te maken, overdone dus. Ik zie dan weer de berichten voor me over exorbitante gouden handdrukken en bonussen. Ook het begrip beschaving komt weer boven borrelen. Wat betekent dat ook al weer? En betekent dat tegenwoordig iets anders dan 40 jaar geleden?

En om te laten zien waar onze beschaving allemaal toe in staat is en om een idee te krijgen van moleculaire gastronomie, hier een recept. Of het echt uit Bray komt weet ik niet.

Van journalisten en holle vaten …

Mijn vorige bericht stond nog niet koud op het net of ik kreeg de wekelijkse column van Aleid Truijens onder ogen. Quod eram demonstrandum, zou mijn oude wiskundeleraar zeggen. In haar verhaal reageert ze op dezelfde artikelen als ik, maar kakelt ze de onzin na die een collega van haar vorige week al publiceerde. Het wordt tijd dat op de redactie van de krant eens een kwalificatiedossier ter hand wordt genomen en de meest basale vorm van onderzoeksjournalistiek wordt gepleegd: gewoon je verdiepen in het onderwerp waarover je schrijft. Of wordt dat niet meer geleerd op de school voor de journalistiek? Ben benieuwd of na lezing van het dossier en de raamwerken Nederlands, mvt en rekenen er nog gesproken wordt over ‘Op maat gezaagde werksoldaatjes’. Dat de eisen die gesteld worden te hoog zijn op een aantal gebieden (of de instroom heeft een te laag niveau), kun je cgo niet kwalijk nemen. Dat de eisen aan instromende vrouwen en mannen voor de klas lager zijn dan die uiteindelijk aan cursisten gesteld worden, kun je cgo niet kwalijk nemen. Maar mbo-cursisten hebben recht op onderwijs waarbij ze opgeleid worden voor een functie in het bedrijfsleven én gevormd worden. Dat is de kerntaak van het mbo. En onderwijs dat competentie ontwikkeling beoogt, biedt daartoe meer mogelijkheden dan het drilonderwijs dat de anti-cgo-ers in een grijs verleden ooit genoten hebben.

Bedrijven vóór vernieuwd onderwijs

Het stond er echt, vrijdag jl. in de Volkskrant. Op de voorpagina echter: Bedrijfsleven heeft parate kennis niet langer nodig. In beide berichten het verhaal over de groensector, die door het Ontwikkelcentrum alle relevante kennisinhouden op het internet heeft laten zetten. Alles is opvraagbaar. Er staat nog net niet dat naar school gaan nu niet meer nodig is. VNO/NCW en MKB Nederland hebben het beter begrepen. Zij maken niet de fout die anderen, met de journalistiek voorop, wel maken: competentiegericht opleiden en het nieuwe leren (als dat al bestaat) op één hoop gooien. In de ervaringen die bij Corus opgedaan zijn, worden aanwijzingen gevonden dat competentiegericht opleiden wel degelijk iets op kan leveren: zelfstandigheid en praktijkgerichtheid. Het bedrijfsleven is dan ook een groot pleitbezorger voor invoering in 2010. In mijn eigen onderwijs zie ik ook een kwalitatieve verbetering ten opzichte van die wezenloze eindtermen. En hoe zit dat dan met die niet meer nodige kennis? Competenties krijgen pas betekenis door de kennis, vaardigheden en houding die er aan ten grondslag liggen. Zonder dat blijven ze hol, leeg. Zoiets als de hoofden van vele journalisten.

Penale boete

Het heeft de Procureur des Konings behaagd mij post te sturen. Voor mijn werk op weg naar Brugge ben ik ergens geflitst en sta nu bloot aan vervolging voor de rechtbank. Ik kan dit gevaar afkopen door een som geld te betalen. Tot zover niets bijzonders, zo gaat het in Nederland ook. Maar er waren wel een paar opvallende dingen. Ik citeer: ‘Na onderzoek van het dossier ben ik van oordeel dat er voldoende bezwaren bestaan om U te vervolgen wegens: …’. In eerste instantie dacht ik aan vervolging te ontkomen, maar dat staat er dus niet. Ook raadpleging van Van Dale bracht geen uitkomst over het op deze manier gebruiken van het woord bezwaren. Verder zat de brief in zo’n bruine envelop die we hier al jaren niet meer kennen. Over persoonlijke aandacht niet te klagen: iemand heeft handmatig een postzegel geplakt en de envelop was keurig met een plakbandje dicht gemaakt. En erkenning voor het leed is er ook: de brief is verstuurd vanaf de Martelaarslaan.

Dag Psion …

Bijna 15 jaar zijn we onafscheidelijk geweest, mijn Psion en ik. Ooit begonnen met een series 3a, daarna overgestapt op de 3c met 2MB RAM (1997!). Toen deze na 10 jaar trouwe dienst niet te repareren problemen met het beeldscherm kreeg, toen pas ben ik overgegaan op een 2e hands 5mx. In hun functionaliteit blijven ze onovertroffen. Ik heb nu een pda/smartphone, maar die haalt alleen het Psion niveau in de agenda functie. Er zit wel Windows Mobile op en daar kun je tekstbestanden en spreadsheets mee lezen, maar het is erg behelpen. Tijdens mijn praktijklessen gebruikte ik de Psion om snel waardes te berekenen, recepten te raadplegen of chemische formules op te zoeken. Het schermpje van een telefoon, ook al is het een pda, is dan wel erg klein. Maar ja, vooruitgang is niet te stuiten en de ontwikkeling en productie van Psion is sinds 2001 gestopt. Ze hebben de boot gemist toen de kleurenschermen doorbraken (wie kan zich nog een zwart-wit scherm herinneren?). En als je denkt dat ik een van die late Mohikanen ben, tik dan bij Marktplaats maar eens Psion als zoekterm in. Ook bij de vroegere Psion Gebruikersvereniging, tegenwoordig PDAtotaal, is nog een actieve gebruikersgroep. En terwijl ik met mijn multi-functionele telefoon mijn Psions film, vraag ik mij af waarom functionaliteit het weer afgelegd heeft tegen spiegeltjes en kraaltjes.

Het is weer hooitijd

Enkele weken geleden heb ik hier een filmpje geplaatst waarin de bereiding van vis in hooi te zien was. Het proces ging niet helemaal zoals het moest. Deze week een herkansing. De opdracht was lamszadel te bereiden naar eigen inzicht. M. wilde graag de bereiding met hooi nog een keer doen. Overleg met o.a. de chef en wat zoekwerk in vakboeken leverden een beter resultaat op. Belangrijk leerpunt voor de andere cursisten was dat vlees heel lang zijn warmte vast kan houden. Na meer dan twee uur rusten was de temperatuur maar 7° teruggelopen. En ook dit filmpje kan dus zo het portfolio in.

 

Disseminatie

Nee, het is geen scheldwoord. Ik kwam dit woord een paar jaar geleden voor het eerst tegen in een aanvraagprocedure voor een project in een van de nieuwe EU landen uit het voormalig oostblok. Het is het vervolg op een zaadje planten en het betekent zoiets als delen van opgedane kennis, verspreiden van informatie. Olievlekwerking zeg maar. Dit woord schoot mij afgelopen vrijdag te binnen toen we als gastpresentator aanwezig waren bij de ICT Meesters bij het ROC van Amsterdam. We hebben daar onze presentatie van Dé IT-conferentie gegeven. De ICT Meesters is een soort mini it-conferentie, met als doel zoveel mogelijk medewerkers te laten delen in de kennis en ervaringen die opgedaan zijn binnen de organisatie. Ook hier dezelfde sfeer als in Maastricht: bevlogen presentatoren en geïnteresseerde toehoorders. Maar ook hier hetzelfde als wat ik bij mijn eigen club  ervaar: eigenlijk veel te weinig toehoorders. Aan het belang van het onderwerp kan het niet liggen, zoveel bleek wel uit de inleiding van de informatiemanager van het roc. Waarom slagen we er niet in de grote massa van onze collega’s te bereiken? Of moeten we maar gewoon vaststellen dat ze niet over de juiste competenties beschikken om hun eigen leervraag te stellen? Voordat je kunt dissemineren moet er eerst geïnsemineerd worden. Blijkbaar beschikken veel van mijn collega’s over hectares dorre grond.

 

Bordenwisser

Bijna altijd alleen, geen collega’s, hoogstens goede kennis van de aanwijsstok en de krijtjes of whiteboardmarkers. Onmisbaar attribuut. Bewoner van de richel onder aan het bord. Ik denk dat hij die plek een naam heeft gegeven, Wolkenpracht of zoiets. Hoeveel onzin heeft de bordenwisser al van mijn bord gewist? Hoeveel kennis? Wijsheid? En al die mooie tekeningen, weg! Zou de bordenwisser dat allemaal tot zich nemen? Een holle bolle Gijs voor woorden. Vandaag veegt hij uit wat ik morgen weer opschrijf. Zeg het maar: zinvol of zinloos. Wat vindt de wisser er zelf van? En waar zijn ze gebleven, die leerlingen die het leuk vinden de wisser te laten wissen. De bordenwisser kent vele verschijningsvormen: vilten veger, inktopnemende papiertjes, katoenen doekjes, zo’n beetje alles kan als bordenwisser dienen. Maar een mode artikel is het nooit geworden. Stofzuigers van bordkrijt en inktstof, hoeders van mijn gezondheid. Ik pleit niet voor een jaarlijkse bordenwisserdag, maar er 1× in je loopbaan bij stil staan is niet te veel gevraagd. Hij verdient het.

‘No guts, no glory’

Met deze woorden onderstreepte hijskoning Van Seumeren zijn koop van 51% van de aandelen van de plaatselijke fc. Misschien een wel hachelijker onderneming dan die waarmee hij wereldfaam veroverde: de Koersk. Ik moest aan de uitspraak denken toen collega E. en ik deze week spraken met M., de teamleider van de niv 1 opleidingen, waaronder ook de moeilijk lerenden vallen. Hij wil de uitgangspunten voor ontwerp die we gebruikt hebben voor de niv 4 opleiding, zie onze presentatie van dé it-conferentie, toepassen op zijn opleidingen. Wij denken dat dat ook kan. Het getuigt van durf om met deze groepen het pad van portfolio, gedeeltelijke zelfsturing, leercirkels e.d. op te gaan. Grootste hobbel zal zijn de methodiek-didactiek in de vingers te krijgen (en in de hoofden van de betrokken collega’s) en daarmee ook over het voetlicht. Cursisten moeten het ook snappen. Maar, wie niet waagt, die niet wint. Is er toch nog hoop voor de fc.

jaar00_koerskboven.jpg

Een nieuw? didactisch hulpmiddel

Het filmpje van gisteren heb ik in de leeromgeving naast dat van een ander geplaatst. Omdat je ze tegelijkertijd af kunt spelen, kun je dus mooi vergelijkingen maken. Ik heb de tweede cursist de opdracht gegeven zijn werkwijze te vergelijken met die van de ander. Inmiddels ook al antwoord gekregen. Verdere toepassingen liggen voor de hand. Je kunt er observatie opdrachten aan verbinden (analyseren!) en natuurlijk ook schriftelijke verslaglegging (NT!). En alleen al dat cursisten zichzelf kunnen vergelijken met normgedrag is al heel verhelderend voor ze.
fimpjes04.png